In de Achterhoek stopt bewegen niet bij de gemeentegrens

Veel maatschappelijke uitdagingen rondom gezondheid, sport en bewegen houden zich niet aan gemeentegrenzen. Juist daarom werken de negen Achterhoekse gemeenten, samen met partners uit zorg, onderwijs, welzijn en sport, regionaal samen binnen Achterhoek in Beweging.

Door kennis, middelen en initiatieven te bundelen, kunnen we meer impact maken voor inwoners en sneller inspelen op de uitdagingen van vandaag en morgen. Die regionale aanpak blijft ook landelijk niet onopgemerkt. In onderstaand artikel van de Beweegalliantie lees je hoe de Achterhoek laat zien dat samenwerken over gemeentegrenzen heen daadwerkelijk verschil maakt.

Onderstaand artikel verscheen eerder op de website van de Beweegalliantie en wordt integraal overgenomen.

Regionaal samenwerken, lokaal uitvoeren

Achterhoek in Beweging (het initiatief waarin de tien gemeenten samenwerken) versterkt wat lokaal al gebeurt en pakt regionaal op wat samen slimmer, sterker en duurzamer kan. Zo groeit bewegen uit van een lokaal beleidsthema tot een regionale beweging. Niet alleen als doel op zich, maar als middel voor een gezonde leefstijl, preventie, vitaliteit en een sterke regio.

Sinds kort is Achterhoek in Beweging aangesloten bij het Beweegpeloton van de Beweegalliantie. Een logische stap voor een regio die al jaren vooroploopt in regionale samenwerking rond sport en bewegen. Tegelijk kijkt Achterhoek in Beweging verder vooruit: hoe kan bewegen nog steviger verbonden worden aan zorg, onderwijs, leefomgeving, mobiliteit en preventie? Vanuit die ambitie verkent de stichting de ontwikkeling van het eerste regionale Beweegplan van Nederland.

Samen sterker als regio

Achterhoek in Beweging begon in 2014, toen acht wethouders sport elkaar opzochten met een praktische vraag: hoe kunnen kleine gemeenten kennis uitwisselen en elkaar versterken?

“Veel Achterhoekse gemeenten zijn relatief klein,” vertelt Pascal Kamperman, directeur-bestuurder van Achterhoek in Beweging. “Niet iedere gemeente heeft een fulltime beleidsadviseur sport. De expertise is niet overal op dezelfde manier aanwezig. Dan is de vraag: hoe kunnen we elkaar regionaal versterken?”

Die vraag leidde tot een samenwerking die steeds verder groeide. De Achterhoek liep daarin voorop. “Wij waren de eerste met een sportakkoord van 2016 tot 2020,” vertelt Pascal. “Daardoor is toenmalig minister Bruins geïnspireerd geraakt om een nationaal sportakkoord op te zetten.”

Wat begon als regionale samenwerking, groeide uit tot een dynamisch platform. In 2019 werd een regionaal Beweeg- en Sportakkoord 2020-2030 gesloten, met gemeenten en partners uit onder meer onderwijs, zorg, bedrijfsleven en toerisme. Inmiddels zijn tien gemeenten aangesloten: Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Lochem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek, Winterswijk en Zutphen.

Niet overal opnieuw het wiel uitvinden

De kracht van regionale samenwerking zit volgens Jordi Doornebosch, programmamanager bij Achterhoek in Beweging, in het verbinden van lokale kennis en ervaring. “Gemeenten hebben lokaal hun eigen uitvoerders, clubondersteuners en buurtsportcoaches. Wij nemen dat niet over. Wij brengen mensen juist regionaal bij elkaar, zorgen voor ritme, verbinding en gezamenlijke richting.”

Zo komen lokale clubondersteuners vier keer per jaar regionaal samen. Zij kennen hun eigen verenigingen en gemeente, maar kunnen regionaal van elkaar leren, goede voorbeelden delen en samen optrekken op thema’s die overal spelen. “Daar zit voor ons de kracht van regionale samenwerking,” zegt Jordi. “Je hoeft niet allemaal opnieuw het wiel uit te vinden. Er zijn voorlopers, er zijn goede voorbeelden en daar kun je samen op voortbouwen.”

Volgens Pascal past die manier van werken bij de Achterhoekse cultuur. “Er wordt in de Achterhoek op veel gebieden al samengewerkt,” zegt hij. “Tegelijk is er respect en waardering voor de lokale uitvoering. Die blijft bestaan. Vanuit de regionale samenwerking proberen wij aan te jagen, te faciliteren en te ondersteunen.”

De plus van de regio

Sommige opgaven zijn voor één gemeente lastig te dragen, maar regionaal wél kansrijk. Denk aan het naar de Achterhoek halen van grotere sportevenementen, het ondersteunen van talentontwikkeling of het versterken van aangepast sporten via Uniek Sporten.

“Voor één gemeente is het vaak moeilijk om een groot nationaal of internationaal sportevenement naar de Achterhoek te halen,” zegt Jordi. “Maar als regio kun je zo’n evenement gezamenlijk omarmen. Daar kan Achterhoek in Beweging als motor veel meerwaarde hebben.”

Ook bij aangepast sporten is regionale afstemming belangrijk. Niet iedere gemeente hoeft hetzelfde aanbod te ontwikkelen. Door regionaal te kijken waar aanbod is, waar iets ontbreekt en hoe inwoners de weg weten te vinden, ontstaat meer overzicht en samenhang.

 

Bewegen als middel voor bredere opgaven

Hoewel Achterhoek in Beweging stevig geworteld is in sport en bewegen, kijkt de organisatie nadrukkelijk verder. Bewegen is geen los beleidsthema, maar een middel dat kan bijdragen aan preventie, vitaliteit, leefbaarheid, ontmoeting en gezondheid.

“Sport en bewegen kunnen echt bijdragen aan preventie,” zegt Jordi. “Ook op het gebied van vitaliteit binnen het bedrijfsleven kunnen we een rol spelen. Wij zijn geen uitvoerende organisatie, maar we kunnen het wel op de agenda zetten, adviseren en begeleiden.”

Daar ligt volgens hem ook een belangrijke uitdaging. Er zijn veel mooie projecten en initiatieven, maar die zijn niet altijd duurzaam geborgd. “Je ziet vaak prachtige initiatieven. Maar als de subsidie stopt, of als het niet is ingebed in het beleid van een organisatie, dan heeft het geen duurzaam karakter.”

 

Van sport- en beweegakkoord naar regionaal beweegplan

Pascal ziet dat sport en bewegen in de afgelopen jaren veel meer aandacht hebben gekregen. Tegelijk vraagt de volgende stap om een structurele plek in beleid en samenwerking. “Iedereen heeft de mond vol van sport en bewegen,” zegt Pascal. “Maar echt investeren in sport en bewegen, dat laat soms nog te wensen over. Zeker als het gaat om integraal samenwerken.”

Daarom verkent Achterhoek in Beweging nu een volgende stap: de ontwikkeling van een integraal regionaal Beweegplan. Jordi: “We willen meer door de domeinen heen werken. Hoe kunnen we bewegen als middel inzetten binnen zorg, onderwijs, volksgezondheid, mobiliteit, duurzaamheid en leefomgeving? Hoe zorgen we dat daar ook bestuurlijk draagvlak voor ontstaat en dat bewegen ook echt wordt omarmd?”

Het vraagt om een andere manier van kijken. Bewegen moet niet alleen op de sportagenda staan, maar ook aan tafels waar het gaat over gezondheid, onderwijs, leefomgeving en preventie. “Veel mensen vinden het logisch om bewegen te verbinden aan preventie of de buitenruimte,” zegt Jordi. “Maar de uitdaging zit erin: omarm het dan ook. Maak het onderdeel van je beleid. Neem sport en bewegen, en in ons geval Achterhoek in Beweging, serieus als partner en zorg dat we een plek aan tafel krijgen.”

 

Achterhoek in Beweging in het Beweegpeloton

De aansluiting bij het Beweegpeloton komt voor Achterhoek in Beweging op een logisch moment. De regio heeft een sterke basis in sport en bewegen, maar zoekt inspiratie, kennisuitwisseling en verbinding om de volgende stap te zetten.

“Inspiratie,” zegt Jordi direct op de vraag wat hij uit het Beweegpeloton hoopt te halen. “Dat sluit aan bij de thema’s waar we nu mee bezig zijn.”

Voor Pascal zit de waarde ook in samen optrekken met andere koplopers. “Het is niet voor niets een Beweegpeloton,” zegt hij. “Naast inspiratie en kennisuitwisseling kun je gezamenlijk kijken wat je boodschap is. En waar je ondersteuning of hulp bij nodig hebt om daadwerkelijk bij te dragen aan de doelstellingen die we met elkaar hebben.”

Achterhoek in Beweging komt niet alleen kennis ‘halen’, maar ook ‘brengen’. De regio heeft veel ervaring met regionale samenwerking, bestuurlijke afstemming en het verbinden van lokale en landelijke partijen. “Regionaal hebben we het best aardig staan,” zegt Jordi. “We hebben successen geboekt en ervaring opgedaan met obstakels die je tegenkomt. Daar valt voor andere regio’s ook iets uit te halen.”

Pascal vult aan: “Wij kunnen onze dynamiek en ervaringen meenemen. Hoe voer je gesprekken lokaal, landelijk en met stakeholders? Hoe kom je tot een gezamenlijke ambitie? Iedereen doet dat op zijn eigen manier, maar we kunnen veel van elkaar leren.”

 

Van speldenprikken naar structurele samenwerking

Waar zijn Pascal en Jordi het meest trots op? Voor Pascal zit dat in de groeiende aandacht voor sport en bewegen in de Achterhoek. “Er is meer waardering en aandacht voor sportaanbieders, sportclubs en sportevenementen,” zegt hij. “Door lobbywerk en veldwerk is het ons gelukt om sport en bewegen meer op de kaart te zetten bij overheden, beleidsbepalers en partners in onder meer onderwijs, zorg, sociaal domein en bedrijfsleven.”

Hij noemt als voorbeeld dat in een recent coalitieakkoord in Doetinchem een aparte alinea over sport en bewegen is opgenomen. Niet als verdienste van Achterhoek in Beweging alleen, benadrukt hij, maar wel als resultaat van samenwerking, contact en voortdurende aandacht.

Jordi is vooral trots op de momenten waarop bewegen al van betekenis is geweest in andere domeinen. “Het is ons verschillende keren gelukt om onze rol te pakken in een ander domein. Bijvoorbeeld in projecten rond mobiliteit en de gezondste regio. Dat waren soms speldenprikken, maar ze laten wel zien dat er perspectief is voor meer.”

Precies daar ligt de vervolgstap. Niet langer incidenteel of projectmatig, maar structureel. “Die initiatieven moeten geen toevalstreffers blijven,” zegt Jordi. “Ze moeten structureel onderdeel worden van beleid. Ieder initiatief dat eraan bijdraagt dat bewegen in andere domeinen van betekenis kan zijn, zie ik als succes.”